Hulp aan Vogels en Wilde Dieren - LOES voor Dieren

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Hulp aan Vogels en Wilde Dieren

Dierverzorging / hulp

Vogels

Vogels, die zich zo laten pakken zijn niet in orde.

Jonge vogeltjes, die "uit het nest gevallen zijn" zijn of ziek of bezig met vliegles.

Vogeltjes met gele "mondhoeken" en dons (dus nog geen veertjes) worden soms uit het nest gegooid, omdat ze niet in orde zijn. Ze vallen zelden "zomaar" uit het nest.
Hebben ze al volledig veertjes en geen dons meer, dan volgen ze onder toeziend oog van de ouders vliegles. Dit duurt een paar dagen. Ze zijn dan heel kwetsbaar (voor katten), maar de meesten redden het wel. Laat ze vooral met rust en houd katten binnen!

Jonge eendjes, meerkoeten en andere watervogels worden voortdurend in de gaten gehouden door één of beide ouders. Een jong donzig watervogeltje zonder moeder heeft een probleem. Helemaal alleen zal hij het niet lang maken. Als het al veren heeft, is het bezig op eigen benen te staan.

Mocht onverhoopt een jong vogeltje toch opgepakt zijn, onthoudt dan het volgende:
Hoe kleiner het vogeltje hoe vaker het gevoerd moet worden. Mussen e.d. ieder kwartier, spreeuwen, merels e.d. ieder half uur en kraaien en duiven ieder uur.
Als noodvoedsel kan geweekt brood dienen. Maar er moet zo snel mogelijk het juiste voer gegeven worden. Vogels met een smalle puntige snavel, zoals de merel, eten insecten, wormen en soms wat fruit. Vogels met stompe snavel zoals de mus en de vink eten zaden. In Universeelvoer (dierenwinkel) zitten zowel zaden als insecten. Met wat water aangemengd tot stevige brei, is het uitstekend voedsel voor jonge vogeltjes.

Kraaiachtigen eten vooral vlees (jonge vogeltjes, muizen etc.). Kattenvoer is dan prima noodvoedsel.

Jonge duiven krijgen "duivenmelk" van hun ouders. Als ze nog geen veren hebben, is nutrix of bambix met water een redelijke vervanging.
Zo gauw ze veren hebben kan overgegaan worden op geweekt duivenvoer.
LET OP! Duiven dragen vaak besmettelijke ziekte bij zich zoals paratyfus. Handen wassen na contact met duiven!

De meeste jonge watervogels eten insecten. Een papje van Universeel wordt opgeslobberd door eenden, ganzen en zwanen. Meerkoeten, waterhoen en fuut voeren hun jongen visjes en andere kleine waterbeestjes. Met de pincet aanbieden van kattenvoer is dan het beste.

's Zomers komt onder watervogels botulisme voor. Besmette watervogels worden sloom, raken verlamd en verdrinken omdat ze hun kop niet meer omhoog kunnen houden. Direct weg (laten) halen en bij vogelopvangcentrum aanmelden! Sommige botulismesoorten zijn ook gevaarlijk voor mensen. Handen wassen!

Reigers, zwanen en ganzen kunnen gevaarlijk zijn, als je te dicht bij komt. Pas op voor je ogen als je een reigerachtige wilt pakken. Zwanen en ganzen kunnen rake klappen met hun vleugels geven. Als het echt nodig is om ze pakken, pak ze dan eerst dicht achter de kop bij de hals en houd de kop van je af. Daarna de vleugels bij elkaar vouwen tegen het lichaam aan onder je arm. Als het enigszins kan wacht dan liever op ervaren hulp.

In alle gevallen geldt: Neem zo snel mogelijk contact op met een vogelopvangcentrum!

Daar weet men als geen ander hoe de vogels verzorgd moeten worden en zijn alle faciliteiten aanwezig.

Stichting 'De Toevlucht' is in Amsterdam belast met het opvangen van vogels:
     Bijlmerweide 1
     1103 RR Amsterdam
     info@toevlucht.nl
     020 - 600 11 44

Aangezien ieder geval anders is, staan we u graag te woord om u persoonlijk te adviseren:

(09.00 - 22.00) 029 44 15 44 6


 
Copyright 2015. All rights reserved.
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu